23 september 2020

Visserij.nl

Nieuws over de beroepsvisserij

Kleinschalige Duitse vissers stoppen ermee

3 min read

Hun eigen vis kan nauwelijks verkocht worden met winst. Meer en meer Baltische (Oostzee) vissers geven het op. Een bezoekje door het Hamburger Abendblatt aan Rüdiger Kruger in Niendorf.

Hamburg – Rüdiger Kruger zit voor zijn kotter “Charlotte” in de haven van Niendorf, zijn handen, met leerachtige zongebrande huid vertellen over een leven op zee en van hard werken. De 56-jarige heeft al tientallen jaren zijn schip aan de gang gehouden, de machines geolied, zijn netten gerepareerd, behalve vis gevangen ook het Noord-Duitse weer op de Oostzee getrotseerd.

Sinds 1971 werkt de Holsteiner als visserman, maar nu zijn de laatste jaren voor hem in de haven aan de baai van Lübeck aangebroken. Het gele geschilderde houten huis aan de rand van het water, waar zijn vrouw Christa verse vis verkoopt zal de deuren waarschijnlijk ook voor altijd sluiten.

“Vele generaties lang vangen wij hier al vis”, zegt Kruger, en kijkt naar de kottertjes dobberend in het brakke water van de haven.”Maar nu dreigen wij als gevolg van het EU-visserijbeleid tussen wal en schip te raken.”

De keuzes van de Brusselse bureaucraten, maar ook de concurrentie van goedkope Aziatische vissoorten zoals Pangasius zorgen voor een onmogelijk bestaan voor de Noord-Duitse vissers die voornamelijk kabeljauw vangen.

En de problemen worden alleen maar groter: In het voorjaar is 70 ton vers gevangen kabeljauw uit de Oostzee vermalen en verwerkt tot veevoeder omdat er geen markt voor was.”De prijs van een kilo kabeljauw is toen tijdelijk gedaald tot onder 70 cent,” zegt Lorenz Marckwardt, voorzitter van de Nationale Visserij Vereniging van Sleeswijk-Holstein.

De vissers zijn slachtoffer van een eenvoudige regel: Het aanbod is stabiel, maar de vraag is verschoven. “Consumenten kiezen Pangasius uit de diepvries in de supermarkt gewoon omdat het zo goedkoop is,” Zegt Kruger hoofdschuddend, daardoor wordt Kabeljauw niet meer verkocht.

Kenners bekritiseren de Pangasius als een ‘mode’ vis, smakeloos, met vrijwel geen voedingswaarde. Deze meerval is een kweekvis en leid in Azië tot grote schade aan de natuur. Bijzonder verwoestend is de situatie in Vietnam, waar in ongeveer tien jaar tijd hele rivier landschappen opgeofferd zijn voor pangasius aquacultuur.

Al ongeveer 47 procent van de geconsumeerde vis wereldwijd is afkomstig uit viskwekerijen, één op de drie daarvan ligt in China.

Pangasius is pas de laatste jaren voeding van de Duitsers geworden, de kabeljauw (Door de Duitsers ook wel Dorsch genoemd) is voor de visserij in de Oostzee altijd al een belangrijke inkomstenbron geweest. Dit jaar is het Duitse quotum voor kabeljauw 11 000 ton.

“Voorheen konden wij 240 dagen per jaar vissen, vandaag mogen wij 163 dagen vissen”, zegt Kruger. “De EU is van mening dat dit de vis beschermt.”

De vangst van kabeljauw is al lang omstreden, deskundigen uiten kritiek op de EU en zijn van mening dat de verkeerde prikkels worden afgegeven. In 1956 had de Niendorfer haven ongeveer 60 kotters vandaag is de vloot geslonken tot drie schepen. Vanuit de haven van Travemünde vissen nog twee vissers en op het eiland Fehmarn zijn er nog maar twaalf. Het zelfde beeld in Mecklenburg-Vorpommern, over het geheel genomen is de Duitse vloot van 2800 vaartuigen in 1970 ingekrompen tot ongeveer 1700 in 2010.

De Krügers uit Niendorf zijn met familie voor 100 procent van de visserij afhankelijk. “Het is de moeite voor ons waard om de vangst gewoon rechtstreeks aan de consument te verkopen”, aldus Kruger. Collega’s die uitsluitend aan de ‘Genossenschaft’ leverden zijn er al mee gestopt.

De vis aanbieden op afslagen in Nederland en vervolgens, na een aantal tussenstations, deels weer in Duitse keukens maakt de kabeljauw duur wat de consument uiteindelijk moet betalen.

“Het is net als bij de boeren, die staan ook onder druk”, zegt Kruger.

Wanneer de vissers er mee stoppen verdwijnt ook de “Charlotte” uit de idyllische Niendorfer haven. Dit zal ook het beeld van de Oostzeekust veranderen, doordat traditionele vissersdorpen verdwijnen, verdwijnt ook een stuk van thuis.

Toeristen hebben later niet meer de kans om verse vis direct van een visser te kopen. In plaats daarvan moeten zij zich wenden tot de vriezer in de supermarkt.

En Duitsland zal door de verdere inkrimping van de vloot elke keer een beetje meer afhankelijk zijn van invoer. De zelfvoorziening is nu nog maar slechts tien procent.

De kotter “Charlotte” in de haven van Niendorf

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *