Onderzoek RIVM & WUR: Nederlandse vis vaker op het menu is goed voor gezondheid én klimaat
2 min gelezen
Nederlandse vis en aquacultuurproducten. Foto Nederlands Visbureau
Een nieuw onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) laat zien dat veel in Nederland geconsumeerde vissoorten zowel gezond zijn als een lage klimaatimpact hebben. Toch haalt slechts 30% van de Nederlanders de aanbeveling van het Voedingscentrum om wekelijks vis te eten, blijkt uit het onderzoek.
Voedingsstoffen die je nergens anders vindt
Vis, schaal- en schelpdieren zijn een unieke bron van essentiële voedingsstoffen, zoals omega-3 vetzuren (EPA en DHA), jodium en selenium. Het Voedingscentrum adviseert één keer per week vis te eten, bij voorkeur een vette vissoort zoals haring of zalm. De Gezondheidsraad beveelt in haar nieuwe richtlijnen van 2025 aan om 100 gram duurzame vis per week te consumeren. Ondanks deze aanbevelingen eet een relatief klein deel van de Nederlanders regelmatig vis.
Nederlandse vis scoort laag op klimaatimpact
Het WUR-RIVM onderzoek brengt de klimaatimpact van voedselproducten uit zee in kaart en vergelijkt deze met producten van land. De Nederlandse vissector draagt ongeveer 0,1% bij aan de nationale broeikasgasuitstoot.
- Pelagische soorten zoals haring en makreel hebben een klimaatimpact vergelijkbaar met plantaardige eiwitten als noten en bonen.
- Mosselen en oesters scoren nog gunstiger dan de meeste dierlijke eiwitbronnen, zoals kip en varken.
- Tong en schol hebben een hogere klimaatimpact, maar nog altijd lager dan die van biefstuk.
Kansen voor retail, horeca en beleid
De Gezondheidsraad pleit voor een verschuiving naar meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten. Binnen het dierlijke segment biedt seafood een klimaatvriendelijke optie. Supermarkten, cateraars en restaurants kunnen hierop inspelen door vis prominenter aan te bieden en consumenten te informeren.
Meer vis op het menu, thuis, op school en in de horeca, kan gezondheid en klimaatdoelen tegelijk dienen. Samenwerking tussen overheid en sector is essentieel, bijvoorbeeld via schoollunches met vis of voedingseducatie. Ook de sector zelf investeert in kennisopbouw en verduurzaming via initiatieven zoals SeaNext.
Sector werkt aan verdere verduurzaming
De visserijsector zet in op het verlagen van de klimaatimpact, vooral door brandstofbesparing bij visserij met hoge CO₂-uitstoot. Concreet werkt de sector aan:
- Innovatie van vaartuigen en energiebronnen, zoals emissie loze garnalenkotters en brandstof besparende technieken zoals de puls visserij.
- Uitbreiding van mosselkweekgebieden en meer ruimte op zee, in samenwerking met de overheid.
“Dit onderzoek biedt een stevige basis om een gesprek te voeren dat al te lang is uitgesteld: vis hoort een logisch onderdeel te zijn van een duurzamer voedingspatroon — voor gezondheid én klimaat. De sector is klaar om die stap te zetten en nodigt beleidsmakers en de hele voedselketen uit om mee te bewegen,” aldus Lisa Koopman.
Over het onderzoek
Het rapport Klimaatimpact en voedingswaarde van voedsel uit zee is uitgevoerd door Wageningen Social & Economic Research en Wageningen Marine Research, in samenwerking met het RIVM, in opdracht van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN).