Grijze zeehonden bijten niet alleen bruinvissen maar ook dolfijnen in Noordzee
2 min gelezen
Bijtmerken op dolfijnen. Foto’s onderzoek.
Utrecht, 12 februari 2026 – Grijze zeehonden blijken niet alleen bruinvissen aan te vallen, maar ook dolfijnen te verwonden. Onderzoekers van de Universiteit Utrecht, in samenwerking met Britse wetenschappers, hebben voor het eerst bewijs gevonden dat deze zeehonden ook dolfijnensoorten kunnen beschadigen. Dit nieuwe inzicht werpt een ander licht op de rol van grijze zeehonden in het mariene ecosysteem van de Noordzee.
De bevindingen zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Diseases of Aquatic Organisms en zijn gebaseerd op het postmortaal onderzoek van vier gestrande dolfijnen: een tuimelaar, een gewone dolfijn en twee witsnuitdolfijnen. Alle vier vertoonden verwondingen die passen bij beten van grijze zeehonden, bevestigd pathologisch en microbiologisch onderzoek. Hoewel geen van de dieren direct stierf door de aanval, tonen de wonden en de aanwezige bacteriën aan dat grijze zeehonden nu ook andere tandwalvissen dan bruinvissen aanvallen.
De onderzoekers ontdekten dat de verwondingen enkele dagen tot weken oud waren, wat suggereert dat de dolfijnen aanvallen overleefden, maar later stierven aan ernstige bacteriële infecties. De bacteriën die in de wonden werden aangetroffen, komen vaak voor bij zeehonden, wat de link tussen de dieren en de verspreiding van ziektes in de zee benadrukt.
“Onze bevindingen laten zien hoe waardevol goed gecoördineerd strandingsonderzoek is“, zegt hoofdonderzoeker Lonneke IJsseldijk van de Universiteit Utrecht. “Door informatie uit verschillende landen te bundelen, krijgen we een scherper beeld van wat er in de Noordzee gebeurt.”
De populatie grijze zeehonden is de afgelopen decennia sterk gegroeid langs de Europese kusten. Door deze groei neemt de kans op interacties met andere zeezoogdieren toe. Het begrijpen van deze interacties is essentieel om veranderingen in het mariene voedselweb te volgen, kwetsbare soorten beter te beschermen en zoönotische risico’s (overdraagbare bacteriën) te identificeren.
Onderzoekers adviseren dat bij toekomstige autopsies van gestrande dolfijnen vaker onderzocht wordt of grijze zeehonden betrokken zijn bij hun verwondingen. Dit kan helpen om een beter begrip te krijgen van de dynamiek tussen de verschillende zeezoogdieren in de Noordzee.
Bron: Universiteit Utrecht